zondag 8 oktober 2006

Omdraaien in de richting van mijn reis

Glen_gour_2 De laatste weken ben ik aan het denken over de richting van mijn reis in deze blog. Ik denk dat het nodig is om een draai in deze reis te maken. Een jaar en zo'n 200 'posts' geleden kondigde ik mijn reis aan; een reis weg van de stad van het evangelicalisme door de poort van 'vragen stellen moet...' Op zoek naar een nieuw leefgebied. Terugkijkend denk ik dat ik redelijk door deze poort heen ben gegaan. Niet alle vragen die ik doorworstelt heb, zijn verwerkt in mijn posts, maar toch wel een aantal zoals diversen over de bijbel als woord van God.

Tijdens mijn reis heb ik naar mijn gevoel een hoop ontdekt en bijgeleerd. Ik denk dat vooral de boeken en het denken van Stuart Murray en diverse boeken uit de emerging wereld hier een grote rol in hebben gespeeld. In mijn zoektocht weg van het evangelicalisme merkte ik dat het evangelicalisme geen stad, maar eigenlijk een wijk is. Een wijk die deel is van een veel grotere en tegelijk ernstig slinkende stad: Christendom.

Buiten de stad 'Christendom; ligt het hedendaagse Nederland. Schrijvend over Christendom bedoel ik niet het christelijk geloof of het gezamenlijk geloven in en volgen van Jezus Christus. Met Christendom wordt de evolutie bedoelt die christelijke kerk heeft meegemaakt door onder Constantijn staatskerk te worden in 321. Deze stad besloeg voor vele eeuwen geheel Europa, maar de afgelopen decennia heeft de hele westerse maatschappij zich losgemaakt van deze stad en is Europa, maar ook met name Nederland een postchristendom land geworden.

Christendom met haar voorrechten en woorden zoals: macht, invloed uit het centrum, staatskerk, meerderheid, gevestigd, controle. onderhoud en institutie is aan het verdwijnen en zal de komende eeuw misschien wel oplossen in het niets. Momenteel beslaat Christendom nog de gehele Nederlandse kerk (inclusief de kerken, die denken los van de invloed en mindset van Christendom te staan) en nog een groot gedeelte van mijn hart...

Als ik me omdraai in mijn reis weg van het Christendom, en dus mijn reis van 'postevangelisch zijn' heb verbreed naar 'postChristendom' willen zijn, zie ik in die stad van Christendom een kerk vastgeketend in een slecht huwelijk. Ik zie een kerk die zich hiervan zou moeten bevrijden om te kunnen overleven en opnieuw te gaan groeien. Een kerk die als een slang haar oude huid moet afleggen om verder te kunnen, die als een rups zich moet gaan verpoppen om als een vlinder uit het Christendom denken te kunnen wegvliegen.

Ik zie een kerk met potentieel, met hoop, met zoveel mogelijkheden als zij bereid zou zijn om Pilgrimsprogress_small opnieuw het proces van evolutie of reformatie aan te gaan. Ik zie een vastgeketende kerk; vastgeketend aan haar aloude tradities en denkpatronen, gebroken en teneergeslagen en mijn hart gaat met ontferming naar haar uit.

Veel post-evangelischen (met name in de UK en de VS) zijn christenen die zwart/wit gesteld een beetje mopperend, cynisch, teleurgesteld en bitter door het leven lijken te gaan, in kleine groepen bij elkaar komen om hun wonden te likken en als intern gerichte groep een nieuwe vorm van kerk willen zijn. Hoewel ik hen daarin gedeeltelijk begrijp en misschien soms op deze blog ook zo overkom, wil ik me met hen niet identificeren en deze weg niet bewandelen.

Ik wil gehoor geven aan mijn bewogenheid, passie en hoop voor de bestaande kerk en de kerk van de toekomst. Ik kan niet van haar weglopen. Ik ga me omdraaien. Ik ga terug...

donderdag 13 april 2006

Dwazen worden dwazer

Bij ons op de zondagschool zongen we geregeld dit liedje: "Een wijs man bouwde zijn huis op de rots, en de regen stroomde neer..." Ik kan me nog goed herinneren welke les ik als kind uit dit liedje haalde; als je blijft bidden en je bouwt je huis op Jezus, de rots, dan zegent God je. Wat die zin 'bouw je huis op Jezus de rots' betekende, wist ik niet. Waarschijnlijk zoiets als geloven in Jezus of zo. Dit lied en haar betekenis heeft jarenlang mijn gedachten over deze gelijkenis van Jezus bepaalt.

Laatst gaf ik een seminar over kinderwerk. Tijdens het seminar vroeg ik een kinderwerker die al jaren lang zondagschoolwerk doet, mij te vertellen wat deze gelijkenis van de wijze en dwaze man (Mattheus 7: 24-27) voor haar betekende. Ze moest hier over nadenken en antwoordde toen met de opmerking 'beter en meer mijn bijbel bestuderen'.

Van de week zat ik als adviseur bij een evangelische gemeente waar hetzelfde punt op tafel kwam: "Wij willen meer en diepere bijbelstudies." Dit is een gemeente waar mensen al jarenlang elke zondag een preek horen en over de afgelopen jaren meer bijbelstudies hebben gehoord dan dat ze ooit in hun leven kunnen opnemen.

BuildingWat zegt Jezus in deze gelijkenis over de wijze en de dwaze bouwer? "Een ieder die mijn woorden hoort en er niet naar handelt, kan vergeleken worden met een onnadekend man, die zijn huis bouwde op zand. Toen het begon te regenen en de bergstromen zwollen, en er stormen opstaken en van alle kanten op het huis werd ingebeukt, stortte het in en er bleef alleen een ruine over."

Evangelische christenen verlangen naar input, preken en 'diepe' bijbelstudies. Maar als zij hierin niet geholpen worden om deze woorden om te zetten naar praktische daden in hun leven, maken we ze met elke preek en elke studie alleen maar dwazer in de ogen van Jezus.

Jarenlang hebben we christenen dwazer en dwazer gemaakt door onze monologe preken, het verstrekken van kennis van God, Zijn Zoon en Zijn woord. We hebben hen dwazer gemaakt door ze te overstelpen met woorden van Jezus zonder hen echt te helpen om hier iets mee te doen. Onze methodes van preken en bijbelstudies zijn namelijk niet gericht op het toerusten van mensen, maar voornamelijk op het verstrekken van kennis. "Mensen kunnen er zelf wel mee aan de slag" is misschien wel de overheersende gedachte.

Ik denk dat het tijd is om in bepaalde kerken en gemeentes om te stoppen met de preek op zondagmorgen, te stoppen met de bijbelstudies en in plaats daarvan met elkaar in gesprek te gaan over hoeveel we al weten van de woorden van Jezus en te kijken waar vastlopen in het praktiseren van deze woorden in ons dagelijks leven. De inhaalslag om wijs te worden, ligt volgens mij niet bij het luisteren naar meer preken of meer bijbelstudies, maar om al deze kennis die we gezamenlijk al bezitten om te zetten naar praktische daden. Dan pas worden dwaze mensen wijs.

Een heel wijs paasfeest toegewenst!

maandag 2 januari 2006

Waar blijft nou die vierde evangelische geloofstap

Eindelijk... We zijn aangekomen bij de vierde evangelische geloofstap. Het heeft even geduurd, maar we zijn er.

Om eerlijk te zijn, is dit de geloofstap waarbij ik persoonlijk afhaak en mede hierdoor buiten de evangelische stad ga wonen. Het is de geloofstap waar ik de grootste moeite mee heb en liever niet in meega. Maar ook de geloofstap die de grootste invloed op ons 'evangelisch denken en zijn' heeft.

Maar ik wil geen slapende honden wakker maken.
Ik wil mensen geen vragen laten stellen waar ze niet mee bezig zijn of aan toe zijn.
Ik wil mensen ook niet doen twijfelen...

Dus sla  deze post gerust over als je denkt dat dit beter voor je is...
Wil je meer weten? Lees dan verder.

Lees meer "Waar blijft nou die vierde evangelische geloofstap" »

woensdag 30 november 2005

Terug naar de evangelische geloofstappen

Een paar weken geleden ben ik begonnen met het beschrijven van de vier evangelische geloofstappen die iemand wel / niet evangelisch maken. Tot nu toe ben ik niet verder gekomen dan stap 3. Tijd om naar stap 4 te gaan kijken. Maar eerst nog even een korte terugblik.

GrotAls evangelische christenen zijn we als mensen die in een afgesloten grot geboren worden, leven en sterven. (Deze grot is een beeld van onze belevingswereld) In deze grot kunnen wij van uit onszelf geen contact leggen met de wereld die misschien wel of niet buiten deze grot bestaat. Alles van wat wij weten over het leven buiten de grot is geloof. We hebben geen bewijzen voor leven buiten de grot, we geloven het.

Allereerst geloven wij dat er een Opperwezen is, die deze grot, onze wereld, maar ook onszelf geschapen heeft. Dit is een geloofskeuze en stap 1.

We geloven dat deze God zich geopenbaard heeft aan een beperkt aantal mensen die hiervan geschreven hebben in de 66 boeken die we samen tot bijbel hebben gemaakt. Ook dit is een geloofskeuze en stap 2.

We geloven, en nu wordt het al wat moeilijker, dat God deze schrijvers van de bijbel geinspireerd heeft. Maar wat bedoelen we daarmee? Is de bijbel gedicteerd door God? Hoe heeft die inspiratie plaatsgevonden?

Over een paar dagen verder...

vrijdag 7 oktober 2005

Verder op mijn reis

Ik wil verder gaan op mijn reis. Nog steeds zit ik vast in de poort vPoortan het ‘stellen van vragen’. Terugkijkend vanuit de poort op de stad van het evangelicalisme zie ik dat de stad op vier fundam enten rust. De eerste twee heb ik vorige week beschreven, namelijk ‘geloven in een Opperwezen’ en ‘geloven in de openbaring van dit Opperwezen aan een beperkte selectieve groep mensen.’ Vandaag is het tijd voor een derde grote stap van geloof.

Stap 3 – geloven dat de menselijke woorden in de bijbel goddelijke woorden zijn en dat ze niet ter discussie gesteld mogen worden.

Aan het begin van zijn bediening doet Jezus een wonder tijdens een bruiloft in Kana. De wijn is op en het feest lijkt heel snel tot een einde te maken. Op aandringen van zijn moeder en leiding van zijn Vader verandert Jezus het doodnormale water in eerste klas wijn. Dit geweldige wonder lijkt in het schrijven van de bijbel voortdurend te hebben plaatsgevonden. Mensen schreven een menselijke tekst en ergens in het proces van schrijven werden deze woorden Goddelijk of misschien beter gezegd ‘Goddelijke geïnspireerd.’

Hoewel deze woorden geïnspireerd zijn, mogen we en moeten we natuurlijk wel al onze wijsheid en ons denkvermogen op deze woorden loslaten om ze te begrijpen in de context van toen, de betekenis voor vandaag en hetgeen de Heilige Geest hier door heen wil zeggen.

“Nou, dat klinkt redelijk evangelisch. Daar kan ik me ook in thuis voelen. Eindelijk terug van weggeweest.”

Laat me nog even verder gaan. Als evangelische christenen geloven we niet alleen dat we de woorden in de bijbel niet ter discussie mogen brengen. Jona is bijvoorbeeld echt door een grote vis opgeslokt (tenzij het een gelijkenis is…) en Abraham heeft niet zijn zoon Ismael, maar heel duidelijk zijn zoon Isaak moeten offeren.

Nee, we geloven dat niet alleen. We hebben ook onze eigen kijk naar wat de bijbel vandaag de dag voor ons te zeggen heeft. Misschien loop ik daar wel het meest tegenaan. Dat lijkt de vierde stap te zijn. Hier hoop ik de komende tijd wat meer over te schrijven.

Waar ik moeite mee heb, is de manier hoe we bepaalde teksten in de bijbel van veel groter belang achten dan anderen en waarom we dat precies doen. Ik zal in de komende posten wat voorbeelden geven…

zondag 2 oktober 2005

De tweede geloofsstap van de evangelische stad

Gisteren schreef ik dat er vier grote geloofsstappen nodig zijn om je huis te kunnen bouwen in de stad van het Evangelicalisme. Geloofsstap 1 is de stap om te geloven dat buiten onze wereld en buiten onze beleving er een Opperwezen bestaat. Net zozeer als wij lachen om mensen die geloven in het  monster van Loch Ness, Ufo’s en buitenaardse wezens, zo mogen anderen om ons lachen om ons geloof in dit feit.

“Dat kan je niet schrijven! Je kan toch niet het evangelische geloof in een God gelijk stellen aan het geloof van mensen in ufo’s, buitenaardse wezens of monsters? Ons geloof staat hier ver boven. Kom nou!”

(Ik merk dat als ik schrijf ik regelmatig onderbroken wordt door mijn evangelische conditionering, die nog niet zo dood is als ik dacht.)

 

Is het niet typerend voor elk mens die ergens in gelooft, of dit nu in een Islamitische staat, buitenaardse wezens of het christelijk geloof is, dat we volstrekt overtuigd zijn van ons gelijk, terwijl wij tegelijkertijd kijken naar de ander en ons afvragen: hoe kan een weldenkend mens dat nu geloven? Hebben christenen meer recht om vast te houden aan de gelijkheid van hun geloof dan de duizend andere dingen waar mensen in geloven? Maar ik dwaal af…

Stap 2 – Geloven in de openbaring van God aan een beperkt aantal mensen.

De volgende grote geloofsstap om deel te zijn van deze stad is ‘geloven in openbaring’. Stel je voor dat de wetenschap honderd babies bij geboorte afzondert van de samenleving en laat opgroeien in een enorme lege witte afgesloten ruimte. Behalve voedsel en zorg krijgen deze babies totaal geen input over de wereld die zich buiten deze afgesloten ruimte bevindt. Hoe zou de denkwereld van deze mensen, als ze eenmaal volwassen zijn, zich ontwikkelen? Welke cultuur en gedachtegoed zou er in de groep van honderd volwassen ontstaan? Zou er een innerlijke zoektocht naar een Opperwezen ontstaan en hoe zou daar vorm aangegeven worden?

Natuurlijk is dit een vreselijk experiment dat nooit plaats zou mogen vinden, maar stel eens voor dat één van de wetenschappers twee of meerder mensen in deze groep openbaring zou geven van het bestaan van een boom, waarbij er bepaalde kennis van de boom wordt overgedragen: een boom is groen en bruin, heeft een stam en bladeren, neemt verkeerde gassen op en verandert dit in zuurstof, heeft wortels, etc. Welke beeldvorming zou er binnen deze mensen en in het communiceren naar de groep over een boom ontstaan? Stel dat er tekenmateriaal aanwezig zou zijn, hoe zouden deze mensen een boom tekenen die ze nog nooit gezien hadden. En stel dat ze ooit een echte boom zouden zien, zouden ze dit dan als boom herkennen? Belangrijke vragen!

Binnen de evangelische stad geloven wij niet alleen in het bestaan van een Opperwezen, maar ook in het feit dat dit Opperwezen zich geopenbaard heeft aan een aantal mensen in onze grot over de loop van de geschiedenis.

Net zoals er honderden dingen zijn, waarin je als mensen kan geloven, zo zijn er honderden mensen geweest die claimen openbaring van God ontvangen te hebben. Om goede redenen, die we over de loop van de eeuwen verloren zijn geraakt, hebben de voorvaders van de evangelische stad een aantal mensen gekozen waarvan zij geloofden dat ze echt openbaring van God hadden gekregen. Dit in tegenstelling tot de honderden anderen, die op zijn best de stempel ongeloofwaardig kregen en in het ergste geval ‘verbrand, vervloekt, verbannen, vervolgd’ werden.  De geloofwaardigen vonden een plaats in canon van het schrift oftewel een plaats in de bijbel.

Hoe zijn onze voorvaderen tot deze stap van wijsheid en inzicht gekomen?

“Deze vragen moet je niet stellen. Je weet toch dat net zoals God de schrijvers van de bijbel heeft geïnspireerd tot het schrijven van deze boeken, Hij de kerkvaders ook heeft geïnspireerd om de bijbel op de juiste manier samen te stellen. Er zijn 66 boeken in de bijbel omdat God dit gewild en geregeld heeft. Waar is je geloof in de kracht van God die ervoor kan zorgen dat Zijn Woord betrouwbaar overgedragen kan worden? Als je al aan dit soort dingen gaat twijfelen, ben je niet op weg naar de stad van het liberalisme, maar heb je daar al een groot paleis staan.”

Wacht eens even, evangelische opvoeding en conditionering! Je bevestigt weer mijn punt dat het wel degelijk een enorme stap van geloof is. We kiezen ervoor om te geloven dat God tot bepaalde mensen heeft gesproken en tot vele anderen niet. Deze stap wil ik graag maken, maar vraag jij je nooit af hoe onze kerkvaders tot dit punt zijn gekomen?

“Nee! Ik geloof gewoon dat God dit zo geleid en gewild heeft.”

Dat mag. Dat is je goed recht. Ik zou er graag iets meer van willen weten. Er is momenteel een interessant discussie hierover gaande op de open source theology blog.

zaterdag 1 oktober 2005

Stap 1 van de 4 evangelische geloofsstappen

Van de week trof het mij dat om deel te zijn van de evangelische stad we vier grote stappen van geloof moeten maken. Laat me dit toelichten.

Stap 1: Geloven in het bestaan van een Opperwezen

Theoloog Don Cupitt omschrijft in zijn boek ‘The time being’ onze menselijke situatie. Hij zegt dat wij als mensheid wonen in een grote afgesloten grot. We wonen in deze grot en staan niet in contact met de buitenwereld. We hebben vanuit onszelf gezien dan ook geen toegang tot de wereld buiten de grot. Hoe weten wij dan wat er buiten die grot is? Het enige wat we kunnen doen, is elkaar verhalen vertellen die onze fantasieën bevatten over een bestaan buiten de grot.

Dit realiserende is het daadwerkelijk een stap van geloof om te geloven dat er buiten onze grot een Opperwezen bestaat. Een Opperwezen die ons, en deze prachtige grot die we wereld noemen, geschapen heeft. Ik wil deze stap van geloof graag maken, maar het is en blijft wel een stap van geloof. Voor mij is het een gemakkelijke stap, omdat ik van kinds af aan geconditioneerd ben om in dit ‘geweldige’ Opperwezen te geloven.

Deze eerste stap van geloof zou je kunnen beschrijven als twee omgekeerde plastic bekertjes op een tafel. Onder één van de bekertjes ligt een balletje. Maar onder welke bekertje? Het is een grote stap van geloof om de linker beker te kiezen boven de rechter.

“Ho, wacht nou even”, roept mijn evangelische opvoeding. “Je hebt toch zelf ook onderwezen dat er allemaal bewijzen zijn dat er een Opperwezen bestaat. En wat zegt de schrijver Paulus in de brief aan de Romeinen? Dit Opperwezen heeft zich uitvoerig laten zien in de schepping zodat niemand kan ontkennen dat Hij bestaat. Waar blijf je nou met je vijftig procent kans van ‘Hij bestaat wel’ of ‘Hij bestaat niet’?”

Dit is een goed punt, maar in welke mate zijn Paulus en ik vanuit onze religieuze opvoeding geconditioneerd om in alles om ons heen de vingerafdrukken van Hem te zien? Zou je hetgeen wij ‘vingerafdrukken’ noemen ook anders kunnen verklaren?

“Wat heeft het nou voor zin om deze vragen te stellen? Je moet gewoon geloven dat Hij bestaat en een verhoorder is voor hen die Hem ernstig zoeken.”

Ik wil beiden. Ik wil de vragen leren stellen en tegelijkertijd geloven. Maar onze eerste stap van geloof binnen het Evangelicalisme is en blijft een grote stap. De stap om niet te geloven in een Opperwezen is bijna net zo groot als de stap om wel te geloven…

Ik heb deze stap gemaakt. Ik leg mijn vinger op de linker omgedraaide plastic beker en zeg dat dit de juiste beker is. Ik geloof in een Opperwezen die we God noemen. Dit is een stap van geloof. Want hoe leg ik nu uit dat het wel de linker is en niet de rechter is? Ik weet het niet! Is het opvoeding, intuïtie, openbaring, gokken? Ik geloof.

Mijn foto