Gisteren ben ik met John op bezoek geweest bij zijn moeder. Het was een emotionele ontmoeting. Ik ben maar kort gebleven. John en zijn moeder waren zo met elkaar in gesprek, dat ik makkelijk kon gaan.
De volgende dag staat John weer bij mij voor de deur. Het valt me op dat er iets aan hem veranderd is. Hoewel hij er niet uitziet met een onbeslapen hoofd en rooddoorlopen ogen straalt hij. “De brief...”, denk ik meteen! John kan niet wachten tot de koffie op tafel staat om me alles te vertellen. John’s vader heeft vlak voor zijn dood een laatste brief aan John geschreven waarin hij alles goed maakt. John laat me de brief lezen. De brief bevat wel tien kantjes en John gaat er rustig voor zitten, terwijl ik hem lees.
In de brief beschrijft zijn vader hoe hij in zijn jeugd altijd hard moest werken op de boerderij van de opa van John. Dat het er bij hem ingestampt was dat hard werken de weg was naar goedkeuring van God en van zijn eigen vader. Hoe hij in dezelfde valkuil was gevallen als voorganger van de gemeente door onmogelijke uren te draaien om er maar voor te zorgen dat hij God en anderen kon behagen. In dit alles had hij als vader John helemaal verwaarloosd. Hij was zo opgegaan in het reilen en zeilen van de gemeente dat hij geen vader voor John was geweest. Hier heeft hij de verdere rest van zijn leven spijt van gehad. Zoveel spijt dat hij alsnog na al deze jaren John hiervoor vergeving wilt vragen.
De brief gaat verder. Zijn vader laat zien dat hij begrijpt waarom John de weg is ingegaan die hij heeft gekozen. Natuurlijk heeft hem pijn gedaan om al die jaren geleden door John als voorganger afgezet te worden. Maar ook hierin heeft hij Gods goede hand leren zien. Dit moest wel gebeuren zodat zijn vader kon leren om zich weer te richten op zijn relatie met God, en ook opnieuw met zijn vrouw.
In de brief is geen enkel verwijt naar John te lezen. De vader neemt alle schuld op zich. Tegelijkertijd laat hij John weten dat, mocht er iets tussen hen hebben ingestaan, hij John van harte vergeeft. De brief eindigt met weldoordachte betuiging van liefde en trots voor zijn zoon. Niet trots om wat John in zijn leven gepresteerd heeft, maar om wie hij is. Ik merk dat deze woorden mij ontroeren.
Zijn vader spreekt de hoop uit dat de vervloeking in hun familie van hoe vaders met hun zonen omgaan bij John mag verbroken worden en dat hij een geweldige liefdevolle relatie met zijn zonen mag hebben. De brief eindigt met het gebed dat John altijd mag weten hoe geliefd hij is door zowel zijn hemelse Vader en zijn aardse vader.
Als ik eindelijk de brief aan John terug geef, kijkt hij mij met een grote glimlach aan. “Ik ben niet alleen door Jezus vergeven, maar ook door mijn vader. Het is helemaal goed. Ik heb vannacht niet geslapen en een lange brief aan mijn vader terug geschreven die ik vanmiddag bij zijn graf wil begraven. In de brief heb ik alles aan mijn vader verteld. Misschien klinkt het raar, maar ik weet zeker dat hij mij gehoord heeft en dat het zo goed is. Ik ga na vandaag ook mijn uiterste best doen om het contact met mijn eigen kinderen te herstellen. Wat tussen mijn opa en mijn vader en tussen mijn vader en mij verkeerd is gegaan, hoeft niet automatisch tussen mij en mijn kinderen te gebeuren. Ik ga er alles aan doen om het goed te laten komen.”
Niet veel later zwaai ik John vanuit mijn deur uit. Ik ben benieuwd hoe het contact met zijn kinderen zal gaan verlopen.
(wordt morgen vervolgd)
Laatste reacties