Vandaag ga ik met zes Antilliaanse tieners uit de wijk naar het landelijke tienerweekend van Rafael. Hoewel we als gemeente niet aangesloten zijn bij Rafael of een andere denominatie, hebben we wel hele goede contacten met de Haagse Rafael gemeente, die op een kleine vijfhonderd meter van ons zit.
Vorig jaar zijn we met deze tieners ook naar dit weekend geweest.
Toen gebeurde het volgende…
Lees hieronder verder
“Mijn verhaal begint nu al bijna zes jaar geleden toen ik nog op de woensdagmiddagen meehielp met de wekelijkse kinderclub van tante Atie in Don Bosco; een jeugdcentrum net buiten Spoorwijk, de wijk waar wij nu wonen, werken en een nieuwe gemeente hebben gesticht. Hier legde ik mijn eerste contact met de jongens en meisjes met wie ik nu een weekend wegga. In deze zes jaar is de kern van deze groep naar alle clubs en programma’s blijven komen en zijn ze uiteindelijk met nog een paar nieuwe vrienden in de door ons gestichte wijkgemeente gekomen en hiervan deel geworden.
Dit weekend ga ik met deze acht Antilliaanse en Surinaamse tieners (zes jongens en twee meisjes) mee met een jeugdweekend georganiseerd door Rafael Nederland. Het weekend vindt plaats in een voormalig klooster in Helvoirt. Vier van de jongens mogen helemaal alleen met de trein en de bus naar het dichtstbijzijnde dorpje waar ik ze met de auto ophaal. De andere vier rijden met mij met de auto mee.
Het klooster staat midden op het platteland en mijn medereizigers kijken hun ogen uit. Aangekomen is er even tijd om de kamers in te richten waarna de eerste dienst start. Er zijn tweehonderd tieners aanwezig, maar mijn groepje valt wel op tussen al die Nederlandse tieners! Aan het eind van de eerste dienst wordt er een oproep aan de tieners gedaan of zij Jezus willen volgen. Vier van tieners van mijn groep reageren hierop en gaan mee naar de nazorgruimte waar ik met andere tienerleiders met ze mag bidden. Twee van ‘mijn’ jongens zitten te huilen aan tafel. Een van de meisjes vertelt dat ze wel wil geloven, maar niet weet of ze ook daadwerkelijk Jezus wil volgen!
Na een rumoerige en korte nacht gaat het programma verder. Weer een dienst en na afloop in kleine groepjes met elkaar praten. ‘Mijn’ tieners gaan voor het eerst hardop met elkaar bidden; moeilijk, eng, maar ze doen het wel op hun manier. Heel eerlijk, heel kwetsbaar, maar oh zo puur!
’s Middags staat sport en spel op het programma; rugbyen, pijl en boog schieten, buks schieten, vlotbouwen. Grote hilariteit als mijn vlot midden in het meer zinkt en ik tot mijn nek in het water en tot mijn enkels in de stinkende modder in het midden van het meer sta.
In de avonddienst gebeurt er iets bijzonders. Tijdens het zingen terwijl mijn tieners mee klappen en dansen op de muziek, ervaar ik plotseling dat de Heer mijn hart voor deze groep tieners breekt. Alle acht hebben ze geen contact meer met hun oorspronkelijke vader en de meeste van hen groeien helemaal vaderloos op. De wereld waarin ze leven is zo hard. Veel van hun leven vindt plaats op straat in de achterstandswijk waar zij en ik wonen. Ruzies zijn aan de orde van de dag. Twee van de jongens wonen in een huis waar al een aantal maanden vanwege schulden het licht en gas is afgesloten.
Achter in de zaal ben ik plotsklaps aan het huilen en bidden voor ze. Hoewel ik veel tijd met ze doorbreng en veel met ze optrek, realiseer ik mij hoe gebroken ze zijn en hoe onvolkomen al mijn inzet is, hoe weinig ik eigenlijk kan doen en hoe zwak ik daarin sta. Ik wil graag als een vader voor ze zijn, maar ik kan dat gat in hun leven niet vullen. Terwijl ik knielend en huilend voor ze bid, vraag ik de Heer of Hij hun vader wil zijn en dit gat in hun leven wil vullen. Als ik later opkijk en mij weer bij de groep voeg, zie ik dat ze niet meer dansen, maar dat de helft van mijn tieners aan het huilen is. De meisjes openlijk, terwijl de jongens hun tranen aan het wegvegen zijn. Hoe kan je dat nu uitleggen? Het lijkt wel alsof God hen zelf deze avond aanraakt… Heel bijzonder!
Te midden van al deze mooie dingen, blijven ze ook gewoon tieners! Met kussengevechten, ’s nachts uit de kamers ontsnappen, op de tafels trommelen tijdens het eten. Zondagmorgen gaat het goed mis! De dag ervoor waren er tieners geweest die dingen uit ramen hadden gegooid en de leiding had gedreigd dat als dat nog eens zou gebeuren die tieners gelijk naar huis zouden worden gestuurd. En wat gebeurt er?
Een aantal van mijn jongens hangen buiten. Uit de ramen van de tweede verdieping hangen een aantal tienertjes, die net op de middelbare school zitten, die met pepernoten naar mijn jongens beginnen te gooien. En wat doen ze? Ze gooien met nog een paar jongens natuurlijk terug. Dat is de enige manier om op straat in Spoorwijk te overleven. Je laat geen kleine jongetjes over je heen lopen! Op dat moment komt de leiding naar buiten gerend en zijn ze op heterdaad betrapt…
Ze krijgen vijf minuten de tijd om hun tassen te pakken en weg te zijn. Boos, mopperend en verontwaardigd pakken ze hun spullen. Buiten gekomen geeft de leiding hen er flink van langs, maar uiteindelijk mogen ze blijven als ze zich gedragen en de boel opruimen. Iedereen is opgelucht, behalve een van mijn jongens die huilend buiten het gebouw zit en weigert om op te ruimen. Hij kan dus naar huis!
Ik stuur de rest van de jongens weg en ga naast hem zitten. Ik probeer hem over te halen om mee te helpen om op te ruimen. Hij weigert. Ik bied aan om samen met hem op te ruimen. Hij weigert nog steeds. Hij zegt dat hij niet naar de hoofdleiding luistert. “Wie is die man wel dat hij zo tegen me praat?” Dit heeft niks met de leiding te maken, maar wel alles met het feit dat hij niet gewend is om door een vader de les te worden geleerd. Hij heeft nooit geleerd om door een vader op zijn kop te worden gegeven. Zijn trots en gevoelens van onrechtvaardigheid zorgen ervoor dat hij nog liever weggaat dan te gehoorzamen. Ineens zegt hij dat hij alleen maar naar mij luistert. Hier vind ik mijn sleutel. “Naar jou luister ik wel!” Ik vertel hem dat ik, als zijn leiding, wil dat hij samen met mij even opruimt. Nu is het in een keer wel goed. Het opruimen is binnen een minuut gebeurd. De situatie is gered! We kunnen samen naar de zondagochtenddienst!
Tijdens de dienst mogen een aantal tieners als ze dat willen opstaan en een getuigenis geven door te zeggen: Ik ben klaar om… Een aantal tieners in de zaal reageren. Ineens staat een van mijn meiden op; degene die niet wist of ze Jezus wel wil volgen. Ze staat daar ten midden van al die tieners en tienerleiding en zegt doodleuk: Ik ben klaar om Jezus beter te leren kennen. Wat ben ik blij! Gelijk daarna staat een van mijn andere jongens op en zegt dat hij klaar is om goed te gaan leven. Wat een feest! Je bent al zoveel jaar met ze bezig. Je investeert zoveel liefde, tijd en energie in die gasten en dan op zo weekend is daar dan die doorbraak waar je al die tijd voor bidt en vecht. Weer staan de tranen mij in de ogen…
Als we ’s middags naar huis gaan, is iedereen heel enthousiast. De nare gevoelens van de ochtend zijn al lang weer verdwenen. Iedereen heeft het alleen nog maar over wat een gaaf weekend dit was en wanneer we weer kunnen gaan. Terugkijkend op dit weekend ben ik de Heer dankbaar voor de doorbraken die Hij in de levens van deze tieners heeft gegeven. Ik bid en hoop dat Zijn werk in hen door mag blijven gaan en dat zij de rest van hun leven Jezus zullen blijven volgen.
Daarnaast ben ik zowel de stichting de Hoeksteen dankbaar voor hun gulle sponsoring van dit weekend waardoor het mogelijk was voor deze tieners om mee te gaan, als de medewerkers van het jongerenwerk van Rafael Nederland die bereid waren om onze groep, die toch zo heel anders van hun tieners was en die dit weekend een stukje moeilijker voor hen heeft gemaakt, in hun midden te verwelkomen.
Dank je wel!”
Laatste reacties